HomeServicesBlogDictionariesContactSpanish Course
← onen — definition

Conjugation of onen

Regular CEFR B1
ˈoː.nə(n)

jongen werpen (van schapen en varkens) Ver definición completa →

Aantonende wijs

Tegenwoordige tijd (o.t.t.)
ik oon
jij / je oont
hij / zij / het oont
wij / we onen
jullie onen
zij / ze onen
Verleden tijd (o.v.t.)
ik oonde
jij / je oonde
hij / zij / het oonde
wij / we oonden
jullie oonden
zij / ze oonden

Aanvoegende wijs (archaïsch)

Aanvoegende wijs — tegenwoordig
ik one
jij / je one
hij / zij / het one
wij / we onen
jullie onen
zij / ze onen
Aanvoegende wijs — verleden
ik oonde
jij / je oonde
hij / zij / het oonde
wij / we oonden
jullie oonden
zij / ze oonden

Gebiedende wijs

Gebiedende wijs
jij oon
jullie (archaïsch) oont

Onbepaalde vormen

Infinitief
onen
Tegenwoordig deelwoord
onend
Voltooid deelwoord
geoond

Practice in context

Fill in the verb in real sentences — correct answers count toward the table above.

Practice this verb →

More conjugations

Explore the Nederlands dictionary

Look up any Dutch word for definitions, equivalents in 94 languages, and more.

Open Dictionary