Conjugation of onderscheppen
/ˌɔndərˈsxɛpə(n)/ervoor zorgen dat iets dat onderweg is zijn bestemming niet haalt. Ver definición completa →
Aantonende wijs
Tegenwoordige tijd (o.t.t.)
| ik | onderschep |
| jij / je | onderschept |
| hij / zij / het | onderschept |
| wij / we | onderscheppen |
| jullie | onderscheppen |
| zij / ze | onderscheppen |
Verleden tijd (o.v.t.)
| ik | onderschepte |
| jij / je | onderschepte |
| hij / zij / het | onderschepte |
| wij / we | onderschepten |
| jullie | onderschepten |
| zij / ze | onderschepten |
Aanvoegende wijs (archaïsch)
Aanvoegende wijs — tegenwoordig
| ik | onderscheppe |
| jij / je | onderscheppe |
| hij / zij / het | onderscheppe |
| wij / we | onderscheppen |
| jullie | onderscheppen |
| zij / ze | onderscheppen |
Aanvoegende wijs — verleden
| ik | onderschepte |
| jij / je | onderschepte |
| hij / zij / het | onderschepte |
| wij / we | onderschepten |
| jullie | onderschepten |
| zij / ze | onderschepten |
Gebiedende wijs
Gebiedende wijs
| jij | onderschep |
| jullie (archaïsch) | onderschept |
Onbepaalde vormen
Infinitief
| — | onderscheppen |
Tegenwoordig deelwoord
| — | onderscheppend |
Voltooid deelwoord
| — | onderschept |