HomeServicesBlogDictionariesContactSpanish Course
← onderrichten — definition

Conjugation of onderrichten

Regular CEFR C1
ˌɔn.dərˈrɪx.tə(n)

onderwijzen Ver definición completa →

Aantonende wijs

Tegenwoordige tijd (o.t.t.)
ik onderricht
jij / je onderricht
hij / zij / het onderricht
wij / we onderrichten
jullie onderrichten
zij / ze onderrichten
Verleden tijd (o.v.t.)
ik onderrichtte
jij / je onderrichtte
hij / zij / het onderrichtte
wij / we onderrichtten
jullie onderrichtten
zij / ze onderrichtten

Aanvoegende wijs (archaïsch)

Aanvoegende wijs — tegenwoordig
ik onderrichte
jij / je onderrichte
hij / zij / het onderrichte
wij / we onderrichten
jullie onderrichten
zij / ze onderrichten
Aanvoegende wijs — verleden
ik onderrichtte
jij / je onderrichtte
hij / zij / het onderrichtte
wij / we onderrichtten
jullie onderrichtten
zij / ze onderrichtten

Gebiedende wijs

Gebiedende wijs
jij onderricht
jullie (archaïsch) onderricht

Onbepaalde vormen

Infinitief
onderrichten
Tegenwoordig deelwoord
onderrichtend
Voltooid deelwoord
onderricht

Practice in context

Fill in the verb in real sentences — correct answers count toward the table above.

Practice this verb →

More conjugations

Explore the Nederlands dictionary

Look up any Dutch word for definitions, equivalents in 94 languages, and more.

Open Dictionary