HomeServicesBlogDictionariesContactSpanish Course
← omzeilen — definition

Conjugation of omzeilen

Regular CEFR C1
ɔmˈzɛi̯.lə(n)

overdrachtelijk een moeilijkheid uit de weg weten te gaan, behoedzaam ontwijken Ver definición completa →

Aantonende wijs

Tegenwoordige tijd (o.t.t.)
ik omzeil
jij / je omzeilt
hij / zij / het omzeilt
wij / we omzeilen
jullie omzeilen
zij / ze omzeilen
Verleden tijd (o.v.t.)
ik omzeilde
jij / je omzeilde
hij / zij / het omzeilde
wij / we omzeilden
jullie omzeilden
zij / ze omzeilden

Aanvoegende wijs (archaïsch)

Aanvoegende wijs — tegenwoordig
ik omzeile
jij / je omzeile
hij / zij / het omzeile
wij / we omzeilen
jullie omzeilen
zij / ze omzeilen
Aanvoegende wijs — verleden
ik omzeilde
jij / je omzeilde
hij / zij / het omzeilde
wij / we omzeilden
jullie omzeilden
zij / ze omzeilden

Gebiedende wijs

Gebiedende wijs
jij omzeil
jullie (archaïsch) omzeilt

Onbepaalde vormen

Infinitief
omzeilen
Tegenwoordig deelwoord
omzeilend
Voltooid deelwoord
omzeild

Practice in context

Fill in the verb in real sentences — correct answers count toward the table above.

Practice this verb →

More conjugations

Explore the Nederlands dictionary

Look up any Dutch word for definitions, equivalents in 94 languages, and more.

Open Dictionary