HomeServicesBlogDictionariesContactSpanish Course
← omtrekken — definición

Conjugation of omtrekken

Regular CEFR B2
/ˈɔmˌtrɛkə(n)/

troepen zo langs een tegenstander heen verplaatsen dat het mogelijk wordt zijn verbindingen af te snijden of hem van achteren aan te vallen Ver definición completa →

Aantonende wijs

Tegenwoordige tijd (o.t.t.)
ik omtrek
jij / je omtrekt
hij / zij / het omtrekt
wij / we omtrekken
jullie omtrekken
zij / ze omtrekken
Verleden tijd (o.v.t.)
ik omtrok
jij / je omtrok
hij / zij / het omtrok
wij / we omtrokken
jullie omtrokken
zij / ze omtrokken

Aanvoegende wijs (archaïsch)

Aanvoegende wijs — tegenwoordig
ik omtrekke
jij / je omtrekke
hij / zij / het omtrekke
wij / we omtrekken
jullie omtrekken
zij / ze omtrekken
Aanvoegende wijs — verleden
ik omtrokke
jij / je omtrokke
hij / zij / het omtrokke
wij / we omtrokken
jullie omtrokken
zij / ze omtrokken

Gebiedende wijs

Gebiedende wijs
jij omtrek
jullie (archaïsch) omtrekt

Onbepaalde vormen

Infinitief
omtrekken
Tegenwoordig deelwoord
omtrekkend
Voltooid deelwoord
omtrokken

Más conjugaciones

Explore the Nederlands dictionary

Look up any Dutch word for definitions, equivalents in 94 languages, and more.

Open Dictionary