HomeServicesBlogDictionariesContactSpanish Course
← omsingelen — definition

Conjugation of omsingelen

Regular CEFR C2
ˌɔmˈsɪ.ŋə.lə(n)

aan alle kanten omsluiten Ver definición completa →

Aantonende wijs

Tegenwoordige tijd (o.t.t.)
ik omsingel
jij / je omsingelt
hij / zij / het omsingelt
wij / we omsingelen
jullie omsingelen
zij / ze omsingelen
Verleden tijd (o.v.t.)
ik omsingelde
jij / je omsingelde
hij / zij / het omsingelde
wij / we omsingelden
jullie omsingelden
zij / ze omsingelden

Aanvoegende wijs (archaïsch)

Aanvoegende wijs — tegenwoordig
ik omsingele
jij / je omsingele
hij / zij / het omsingele
wij / we omsingelen
jullie omsingelen
zij / ze omsingelen
Aanvoegende wijs — verleden
ik omsingelde
jij / je omsingelde
hij / zij / het omsingelde
wij / we omsingelden
jullie omsingelden
zij / ze omsingelden

Gebiedende wijs

Gebiedende wijs
jij omsingel
jullie (archaïsch) omsingelt

Onbepaalde vormen

Infinitief
omsingelen
Tegenwoordig deelwoord
omsingelend
Voltooid deelwoord
omsingeld

Practice in context

Fill in the verb in real sentences — correct answers count toward the table above.

Practice this verb →

More conjugations

Explore the Nederlands dictionary

Look up any Dutch word for definitions, equivalents in 94 languages, and more.

Open Dictionary