HomeServicesBlogDictionariesContactSpanish Course
← omklemmen — definición

Conjugation of omklemmen

Regular CEFR B2

iets heel stevig vasthouden Ver definición completa →

Aantonende wijs

Tegenwoordige tijd (o.t.t.)
ik omklem
jij / je omklemt
hij / zij / het omklemt
wij / we omklemmen
jullie omklemmen
zij / ze omklemmen
Verleden tijd (o.v.t.)
ik omklemde
jij / je omklemde
hij / zij / het omklemde
wij / we omklemden
jullie omklemden
zij / ze omklemden

Aanvoegende wijs (archaïsch)

Aanvoegende wijs — tegenwoordig
ik omklemme
jij / je omklemme
hij / zij / het omklemme
wij / we omklemmen
jullie omklemmen
zij / ze omklemmen
Aanvoegende wijs — verleden
ik omklemde
jij / je omklemde
hij / zij / het omklemde
wij / we omklemden
jullie omklemden
zij / ze omklemden

Gebiedende wijs

Gebiedende wijs
jij omklem
jullie (archaïsch) omklemt

Onbepaalde vormen

Infinitief
omklemmen
Tegenwoordig deelwoord
omklemmend
Voltooid deelwoord
omklemd

Más conjugaciones

Explore the Nederlands dictionary

Look up any Dutch word for definitions, equivalents in 94 languages, and more.

Open Dictionary