HomeServicesBlogDictionariesContactSpanish Course
← ombouwen — definition

Conjugation of ombouwen

Regular CEFR C2
ˈɔmˌbɑu̯.ə(n)

van een treinstel dat het geschikt gemaakt is om de andere kant op te rijden. Ver definición completa →

Aantonende wijs

Tegenwoordige tijd (o.t.t.)
ik ombouw
jij / je ombouwt
hij / zij / het ombouwt
wij / we ombouwen
jullie ombouwen
zij / ze ombouwen
Verleden tijd (o.v.t.)
ik ombouwde
jij / je ombouwde
hij / zij / het ombouwde
wij / we ombouwden
jullie ombouwden
zij / ze ombouwden

Aanvoegende wijs (archaïsch)

Aanvoegende wijs — tegenwoordig
ik ombouwe
jij / je ombouwe
hij / zij / het ombouwe
wij / we ombouwen
jullie ombouwen
zij / ze ombouwen
Aanvoegende wijs — verleden
ik ombouwde
jij / je ombouwde
hij / zij / het ombouwde
wij / we ombouwden
jullie ombouwden
zij / ze ombouwden

Gebiedende wijs

Gebiedende wijs
jij ombouw
jullie (archaïsch) ombouwt

Onbepaalde vormen

Infinitief
ombouwen
Tegenwoordig deelwoord
ombouwend
Voltooid deelwoord
ombouwd

Practice in context

Fill in the verb in real sentences — correct answers count toward the table above.

Practice this verb →

More conjugations

Explore the Nederlands dictionary

Look up any Dutch word for definitions, equivalents in 94 languages, and more.

Open Dictionary