HomeServicesBlogDictionariesContactSpanish Course
← offeren — definition

Conjugation of offeren

Regular CEFR C1
ˈɔ.fə.rə(n)

wijden aan, als offer aanbieden Ver definición completa →

Aantonende wijs

Tegenwoordige tijd (o.t.t.)
ik offer
jij / je offert
hij / zij / het offert
wij / we offeren
jullie offeren
zij / ze offeren
Verleden tijd (o.v.t.)
ik offerde
jij / je offerde
hij / zij / het offerde
wij / we offerden
jullie offerden
zij / ze offerden

Aanvoegende wijs (archaïsch)

Aanvoegende wijs — tegenwoordig
ik offere
jij / je offere
hij / zij / het offere
wij / we offeren
jullie offeren
zij / ze offeren
Aanvoegende wijs — verleden
ik offerde
jij / je offerde
hij / zij / het offerde
wij / we offerden
jullie offerden
zij / ze offerden

Gebiedende wijs

Gebiedende wijs
jij offer
jullie (archaïsch) offert

Onbepaalde vormen

Infinitief
offeren
Tegenwoordig deelwoord
offerend
Voltooid deelwoord
geofferd

Practice in context

Fill in the verb in real sentences — correct answers count toward the table above.

Practice this verb →

More conjugations

Explore the Nederlands dictionary

Look up any Dutch word for definitions, equivalents in 94 languages, and more.

Open Dictionary