HomeServicesBlogDictionariesContactSpanish Course
← observeren — definition

Conjugation of observeren

Regular CEFR C1
ˌɔp.sɛrˈveː.rə(n)

gericht via de zintuigen van iets kennis nemen Ver definición completa →

Aantonende wijs

Tegenwoordige tijd (o.t.t.)
ik observeer
jij / je observeert
hij / zij / het observeert
wij / we observeren
jullie observeren
zij / ze observeren
Verleden tijd (o.v.t.)
ik observeerde
jij / je observeerde
hij / zij / het observeerde
wij / we observeerden
jullie observeerden
zij / ze observeerden

Aanvoegende wijs (archaïsch)

Aanvoegende wijs — tegenwoordig
ik observere
jij / je observere
hij / zij / het observere
wij / we observeren
jullie observeren
zij / ze observeren
Aanvoegende wijs — verleden
ik observeerde
jij / je observeerde
hij / zij / het observeerde
wij / we observeerden
jullie observeerden
zij / ze observeerden

Gebiedende wijs

Gebiedende wijs
jij observeer
jullie (archaïsch) observeert

Onbepaalde vormen

Infinitief
observeren
Tegenwoordig deelwoord
observerend
Voltooid deelwoord
geobserveerd

Practice in context

Fill in the verb in real sentences — correct answers count toward the table above.

Practice this verb →

More conjugations

Explore the Nederlands dictionary

Look up any Dutch word for definitions, equivalents in 94 languages, and more.

Open Dictionary