HomeServicesBlogDictionariesContactSpanish Course
← nummeren — definition

Conjugation of nummeren

Regular CEFR B2
ˈnʏ.mə.rə(n)

een uniek getal aan iets hechten, gewoonlijk in oplopende rangorde Ver definición completa →

Aantonende wijs

Tegenwoordige tijd (o.t.t.)
ik nummer
jij / je nummert
hij / zij / het nummert
wij / we nummeren
jullie nummeren
zij / ze nummeren
Verleden tijd (o.v.t.)
ik nummerde
jij / je nummerde
hij / zij / het nummerde
wij / we nummerden
jullie nummerden
zij / ze nummerden

Aanvoegende wijs (archaïsch)

Aanvoegende wijs — tegenwoordig
ik nummere
jij / je nummere
hij / zij / het nummere
wij / we nummeren
jullie nummeren
zij / ze nummeren
Aanvoegende wijs — verleden
ik nummerde
jij / je nummerde
hij / zij / het nummerde
wij / we nummerden
jullie nummerden
zij / ze nummerden

Gebiedende wijs

Gebiedende wijs
jij nummer
jullie (archaïsch) nummert

Onbepaalde vormen

Infinitief
nummeren
Tegenwoordig deelwoord
nummerend
Voltooid deelwoord
genummerd

Practice in context

Fill in the verb in real sentences — correct answers count toward the table above.

Practice this verb →

More conjugations

Explore the Nederlands dictionary

Look up any Dutch word for definitions, equivalents in 94 languages, and more.

Open Dictionary