HomeServicesBlogDictionariesContactSpanish Course
← nekken — definición

Conjugation of nekken

Regular CEFR C2
/ˈnɛkə(n)/

noodlottig worden; letterlijk: iemand de nek te breken Ver definición completa →

Aantonende wijs

Tegenwoordige tijd (o.t.t.)
ik nek
jij / je nekt
hij / zij / het nekt
wij / we nekken
jullie nekken
zij / ze nekken
Verleden tijd (o.v.t.)
ik nekte
jij / je nekte
hij / zij / het nekte
wij / we nekten
jullie nekten
zij / ze nekten

Aanvoegende wijs (archaïsch)

Aanvoegende wijs — tegenwoordig
ik nekke
jij / je nekke
hij / zij / het nekke
wij / we nekken
jullie nekken
zij / ze nekken
Aanvoegende wijs — verleden
ik nekte
jij / je nekte
hij / zij / het nekte
wij / we nekten
jullie nekten
zij / ze nekten

Gebiedende wijs

Gebiedende wijs
jij nek
jullie (archaïsch) nekt

Onbepaalde vormen

Infinitief
nekken
Tegenwoordig deelwoord
nekkend
Voltooid deelwoord
genekt

Más conjugaciones

Explore the Nederlands dictionary

Look up any Dutch word for definitions, equivalents in 94 languages, and more.

Open Dictionary