HomeServicesBlogDictionariesContactSpanish Course
← nasaleren — definition

Conjugation of nasaleren

Regular CEFR B2
ˌnaː.zaːˈleː.rə(n)

een neusklank maken van een klinker Ver definición completa →

Aantonende wijs

Tegenwoordige tijd (o.t.t.)
ik nasaleer
jij / je nasaleert
hij / zij / het nasaleert
wij / we nasaleren
jullie nasaleren
zij / ze nasaleren
Verleden tijd (o.v.t.)
ik nasaleerde
jij / je nasaleerde
hij / zij / het nasaleerde
wij / we nasaleerden
jullie nasaleerden
zij / ze nasaleerden

Aanvoegende wijs (archaïsch)

Aanvoegende wijs — tegenwoordig
ik nasalere
jij / je nasalere
hij / zij / het nasalere
wij / we nasaleren
jullie nasaleren
zij / ze nasaleren
Aanvoegende wijs — verleden
ik nasaleerde
jij / je nasaleerde
hij / zij / het nasaleerde
wij / we nasaleerden
jullie nasaleerden
zij / ze nasaleerden

Gebiedende wijs

Gebiedende wijs
jij nasaleer
jullie (archaïsch) nasaleert

Onbepaalde vormen

Infinitief
nasaleren
Tegenwoordig deelwoord
nasalerend
Voltooid deelwoord
genasaleerd

Practice in context

Fill in the verb in real sentences — correct answers count toward the table above.

Practice this verb →

More conjugations

Explore the Nederlands dictionary

Look up any Dutch word for definitions, equivalents in 94 languages, and more.

Open Dictionary