HomeServicesBlogDictionariesContactSpanish Course
← mutileren — definición

Conjugation of mutileren

Regular CEFR B2
/my.tiˈleː.rə(n)/

iemands lichaam blijvend en misvormend letsel toebrengen Ver definición completa →

Aantonende wijs

Tegenwoordige tijd (o.t.t.)
ik mutileer
jij / je mutileert
hij / zij / het mutileert
wij / we mutileren
jullie mutileren
zij / ze mutileren
Verleden tijd (o.v.t.)
ik mutileerde
jij / je mutileerde
hij / zij / het mutileerde
wij / we mutileerden
jullie mutileerden
zij / ze mutileerden

Aanvoegende wijs (archaïsch)

Aanvoegende wijs — tegenwoordig
ik mutilere
jij / je mutilere
hij / zij / het mutilere
wij / we mutileren
jullie mutileren
zij / ze mutileren
Aanvoegende wijs — verleden
ik mutileerde
jij / je mutileerde
hij / zij / het mutileerde
wij / we mutileerden
jullie mutileerden
zij / ze mutileerden

Gebiedende wijs

Gebiedende wijs
jij mutileer
jullie (archaïsch) mutileert

Onbepaalde vormen

Infinitief
mutileren
Tegenwoordig deelwoord
mutilerend
Voltooid deelwoord
gemutileerd

Más conjugaciones

Explore the Nederlands dictionary

Look up any Dutch word for definitions, equivalents in 94 languages, and more.

Open Dictionary