HomeServicesBlogDictionariesContactSpanish Course
← moraliseren — definición

Conjugation of moraliseren

Regular CEFR C1
/ˌmoː.raː.liˈzeː.rə(n)/

zedenkundige beschouwingen houden Ver definición completa →

Aantonende wijs

Tegenwoordige tijd (o.t.t.)
ik moraliseer
jij / je moraliseert
hij / zij / het moraliseert
wij / we moraliseren
jullie moraliseren
zij / ze moraliseren
Verleden tijd (o.v.t.)
ik moraliseerde
jij / je moraliseerde
hij / zij / het moraliseerde
wij / we moraliseerden
jullie moraliseerden
zij / ze moraliseerden

Aanvoegende wijs (archaïsch)

Aanvoegende wijs — tegenwoordig
ik moralisere
jij / je moralisere
hij / zij / het moralisere
wij / we moraliseren
jullie moraliseren
zij / ze moraliseren
Aanvoegende wijs — verleden
ik moraliseerde
jij / je moraliseerde
hij / zij / het moraliseerde
wij / we moraliseerden
jullie moraliseerden
zij / ze moraliseerden

Gebiedende wijs

Gebiedende wijs
jij moraliseer
jullie (archaïsch) moraliseert

Onbepaalde vormen

Infinitief
moraliseren
Tegenwoordig deelwoord
moraliserend
Voltooid deelwoord
gemoraliseerd

Más conjugaciones

Explore the Nederlands dictionary

Look up any Dutch word for definitions, equivalents in 94 languages, and more.

Open Dictionary