HomeServicesBlogDictionariesContactSpanish Course
← minderen — definition

Conjugation of minderen

Regular CEFR C2
ˈmɪn.də.rə(n)

in gebruikte of toegepaste hoeveelheid laten afnemen Ver definición completa →

Aantonende wijs

Tegenwoordige tijd (o.t.t.)
ik minder
jij / je mindert
hij / zij / het mindert
wij / we minderen
jullie minderen
zij / ze minderen
Verleden tijd (o.v.t.)
ik minderde
jij / je minderde
hij / zij / het minderde
wij / we minderden
jullie minderden
zij / ze minderden

Aanvoegende wijs (archaïsch)

Aanvoegende wijs — tegenwoordig
ik mindere
jij / je mindere
hij / zij / het mindere
wij / we minderen
jullie minderen
zij / ze minderen
Aanvoegende wijs — verleden
ik minderde
jij / je minderde
hij / zij / het minderde
wij / we minderden
jullie minderden
zij / ze minderden

Gebiedende wijs

Gebiedende wijs
jij minder
jullie (archaïsch) mindert

Onbepaalde vormen

Infinitief
minderen
Tegenwoordig deelwoord
minderend
Voltooid deelwoord
geminderd

Practice in context

Fill in the verb in real sentences — correct answers count toward the table above.

Practice this verb →

More conjugations

Explore the Nederlands dictionary

Look up any Dutch word for definitions, equivalents in 94 languages, and more.

Open Dictionary