HomeServicesBlogDictionariesContactSpanish Course
← menen — definition

Conjugation of menen

Regular CEFR B2
ˈmeː.nə(n)

denken, een mening toegedaan zijn Ver definición completa →

Aantonende wijs

Tegenwoordige tijd (o.t.t.)
ik meen
jij / je meent
hij / zij / het meent
wij / we menen
jullie menen
zij / ze menen
Verleden tijd (o.v.t.)
ik meende
jij / je meende
hij / zij / het meende
wij / we meenden
jullie meenden
zij / ze meenden

Aanvoegende wijs (archaïsch)

Aanvoegende wijs — tegenwoordig
ik mene
jij / je mene
hij / zij / het mene
wij / we menen
jullie menen
zij / ze menen
Aanvoegende wijs — verleden
ik meende
jij / je meende
hij / zij / het meende
wij / we meenden
jullie meenden
zij / ze meenden

Gebiedende wijs

Gebiedende wijs
jij meen
jullie (archaïsch) meent

Onbepaalde vormen

Infinitief
menen
Tegenwoordig deelwoord
menend
Voltooid deelwoord
gemeend

Practice this verb →

More conjugations

Explore the Nederlands dictionary

Look up any Dutch word for definitions, equivalents in 94 languages, and more.

Open Dictionary