HomeServicesBlogDictionariesContactSpanish Course
← meerderen — definition

Conjugation of meerderen

Regular CEFR C2
ˈmeːr.də.rə(n)

vermeerderen Ver definición completa →

Aantonende wijs

Tegenwoordige tijd (o.t.t.)
ik meerder
jij / je meerdert
hij / zij / het meerdert
wij / we meerderen
jullie meerderen
zij / ze meerderen
Verleden tijd (o.v.t.)
ik meerderde
jij / je meerderde
hij / zij / het meerderde
wij / we meerderden
jullie meerderden
zij / ze meerderden

Aanvoegende wijs (archaïsch)

Aanvoegende wijs — tegenwoordig
ik meerdere
jij / je meerdere
hij / zij / het meerdere
wij / we meerderen
jullie meerderen
zij / ze meerderen
Aanvoegende wijs — verleden
ik meerderde
jij / je meerderde
hij / zij / het meerderde
wij / we meerderden
jullie meerderden
zij / ze meerderden

Gebiedende wijs

Gebiedende wijs
jij meerder
jullie (archaïsch) meerdert

Onbepaalde vormen

Infinitief
meerderen
Tegenwoordig deelwoord
meerderend
Voltooid deelwoord
gemeerderd

Practice this verb →

More conjugations

Explore the Nederlands dictionary

Look up any Dutch word for definitions, equivalents in 94 languages, and more.

Open Dictionary