HomeServicesBlogDictionariesContactSpanish Course
← meanderen — definición

Conjugation of meanderen

Regular CEFR B2
/meːˈɑn.də.rə(n)/

in zijn oorspronkelijke kronkelende loop herstellen Ver definición completa →

Aantonende wijs

Tegenwoordige tijd (o.t.t.)
ik meander
jij / je meandert
hij / zij / het meandert
wij / we meanderen
jullie meanderen
zij / ze meanderen
Verleden tijd (o.v.t.)
ik meanderde
jij / je meanderde
hij / zij / het meanderde
wij / we meanderden
jullie meanderden
zij / ze meanderden

Aanvoegende wijs (archaïsch)

Aanvoegende wijs — tegenwoordig
ik meandere
jij / je meandere
hij / zij / het meandere
wij / we meanderen
jullie meanderen
zij / ze meanderen
Aanvoegende wijs — verleden
ik meanderde
jij / je meanderde
hij / zij / het meanderde
wij / we meanderden
jullie meanderden
zij / ze meanderden

Gebiedende wijs

Gebiedende wijs
jij meander
jullie (archaïsch) meandert

Onbepaalde vormen

Infinitief
meanderen
Tegenwoordig deelwoord
meanderend
Voltooid deelwoord
gemeanderd

Más conjugaciones

Explore the Nederlands dictionary

Look up any Dutch word for definitions, equivalents in 94 languages, and more.

Open Dictionary