HomeServicesBlogDictionariesContactSpanish Course
← mailen — definición

Conjugation of mailen

Regular CEFR C2
/meːlə(n)/

per elektronische post verzenden Ver definición completa →

Aantonende wijs

Tegenwoordige tijd (o.t.t.)
ik mail
jij / je mailt
hij / zij / het mailt
wij / we mailen
jullie mailen
zij / ze mailen
Verleden tijd (o.v.t.)
ik mailde
jij / je mailde
hij / zij / het mailde
wij / we mailden
jullie mailden
zij / ze mailden

Aanvoegende wijs (archaïsch)

Aanvoegende wijs — tegenwoordig
ik maile
jij / je maile
hij / zij / het maile
wij / we mailen
jullie mailen
zij / ze mailen
Aanvoegende wijs — verleden
ik mailde
jij / je mailde
hij / zij / het mailde
wij / we mailden
jullie mailden
zij / ze mailden

Gebiedende wijs

Gebiedende wijs
jij mail
jullie (archaïsch) mailt

Onbepaalde vormen

Infinitief
mailen
Tegenwoordig deelwoord
mailend
Voltooid deelwoord
gemaild

Más conjugaciones

Explore the Nederlands dictionary

Look up any Dutch word for definitions, equivalents in 94 languages, and more.

Open Dictionary