HomeServicesBlogDictionariesContactSpanish Course
← maaien — definition

Conjugation of maaien

Regular CEFR C2
ˈmaːi̯ə(n)

met een werktuig het bovengrondse deel ergens van verwijderen Ver definición completa →

Aantonende wijs

Tegenwoordige tijd (o.t.t.)
ik maai
jij / je maait
hij / zij / het maait
wij / we maaien
jullie maaien
zij / ze maaien
Verleden tijd (o.v.t.)
ik maaide
jij / je maaide
hij / zij / het maaide
wij / we maaiden
jullie maaiden
zij / ze maaiden

Aanvoegende wijs (archaïsch)

Aanvoegende wijs — tegenwoordig
ik maaie
jij / je maaie
hij / zij / het maaie
wij / we maaien
jullie maaien
zij / ze maaien
Aanvoegende wijs — verleden
ik maaide
jij / je maaide
hij / zij / het maaide
wij / we maaiden
jullie maaiden
zij / ze maaiden

Gebiedende wijs

Gebiedende wijs
jij maai
jullie (archaïsch) maait

Onbepaalde vormen

Infinitief
maaien
Tegenwoordig deelwoord
maaiend
Voltooid deelwoord
gemaaid

Practice in context

Fill in the verb in real sentences — correct answers count toward the table above.

Practice this verb →

More conjugations

Explore the Nederlands dictionary

Look up any Dutch word for definitions, equivalents in 94 languages, and more.

Open Dictionary