HomeServicesBlogDictionariesContactSpanish Course
← lonken — definition

Conjugation of lonken

Regular CEFR C2

verleidelijk knipogen Ver definición completa →

Aantonende wijs

Tegenwoordige tijd (o.t.t.)
ik lonk
jij / je lonkt
hij / zij / het lonkt
wij / we lonken
jullie lonken
zij / ze lonken
Verleden tijd (o.v.t.)
ik lonkte
jij / je lonkte
hij / zij / het lonkte
wij / we lonkten
jullie lonkten
zij / ze lonkten

Aanvoegende wijs (archaïsch)

Aanvoegende wijs — tegenwoordig
ik lonke
jij / je lonke
hij / zij / het lonke
wij / we lonken
jullie lonken
zij / ze lonken
Aanvoegende wijs — verleden
ik lonkte
jij / je lonkte
hij / zij / het lonkte
wij / we lonkten
jullie lonkten
zij / ze lonkten

Gebiedende wijs

Gebiedende wijs
jij lonk
jullie (archaïsch) lonkt

Onbepaalde vormen

Infinitief
lonken
Tegenwoordig deelwoord
lonkend
Voltooid deelwoord
gelonkt

Practice in context

Fill in the verb in real sentences — correct answers count toward the table above.

Practice this verb →

More conjugations

Explore the Nederlands dictionary

Look up any Dutch word for definitions, equivalents in 94 languages, and more.

Open Dictionary