HomeServicesBlogDictionariesContactSpanish Course
← lijden — definition

Conjugation of lijden

Regular CEFR B1
ˈlɛi̯də(n)

ervaren, ondergaan, ondervinden, verduren (zonder dat de ervaring zelf negatief hoeft te zijn, zoals wel in bet. 1) Ver definición completa →

Aantonende wijs

Tegenwoordige tijd (o.t.t.)
ik lijd
jij / je lijdt
hij / zij / het lijdt
wij / we lijden
jullie lijden
zij / ze lijden
Verleden tijd (o.v.t.)
ik leed
jij / je leed
hij / zij / het leed
wij / we leden
jullie leden
zij / ze leden

Aanvoegende wijs (archaïsch)

Aanvoegende wijs — tegenwoordig
ik lijde
jij / je lijde
hij / zij / het lijde
wij / we lijden
jullie lijden
zij / ze lijden
Aanvoegende wijs — verleden
ik lede
jij / je lede
hij / zij / het lede
wij / we leden
jullie leden
zij / ze leden

Gebiedende wijs

Gebiedende wijs
jij lijd
jullie (archaïsch) lijdt

Onbepaalde vormen

Infinitief
lijden
Tegenwoordig deelwoord
lijdend
Voltooid deelwoord
geleden

Practice this verb →

More conjugations

Explore the Nederlands dictionary

Look up any Dutch word for definitions, equivalents in 94 languages, and more.

Open Dictionary