Conjugation of lambriseren
van een betimmering of beschot voorzien Ver definición completa →
Aantonende wijs
Tegenwoordige tijd (o.t.t.)
| ik | lambriseer |
| jij / je | lambriseert |
| hij / zij / het | lambriseert |
| wij / we | lambriseren |
| jullie | lambriseren |
| zij / ze | lambriseren |
Verleden tijd (o.v.t.)
| ik | lambriseerde |
| jij / je | lambriseerde |
| hij / zij / het | lambriseerde |
| wij / we | lambriseerden |
| jullie | lambriseerden |
| zij / ze | lambriseerden |
Aanvoegende wijs (archaïsch)
Aanvoegende wijs — tegenwoordig
| ik | lambrisere |
| jij / je | lambrisere |
| hij / zij / het | lambrisere |
| wij / we | lambriseren |
| jullie | lambriseren |
| zij / ze | lambriseren |
Aanvoegende wijs — verleden
| ik | lambriseerde |
| jij / je | lambriseerde |
| hij / zij / het | lambriseerde |
| wij / we | lambriseerden |
| jullie | lambriseerden |
| zij / ze | lambriseerden |
Gebiedende wijs
Gebiedende wijs
| jij | lambriseer |
| jullie (archaïsch) | lambriseert |
Onbepaalde vormen
Infinitief
| — | lambriseren |
Tegenwoordig deelwoord
| — | lambriserend |
Voltooid deelwoord
| — | gelambriseerd |