HomeServicesBlogDictionariesContactSpanish Course
← laken — definition

Conjugation of laken

Regular CEFR C2
ˈlaːkə(n)

verwijten uiten over Ver definición completa →

Aantonende wijs

Tegenwoordige tijd (o.t.t.)
ik laak
jij / je laakt
hij / zij / het laakt
wij / we laken
jullie laken
zij / ze laken
Verleden tijd (o.v.t.)
ik laakte
jij / je laakte
hij / zij / het laakte
wij / we laakten
jullie laakten
zij / ze laakten

Aanvoegende wijs (archaïsch)

Aanvoegende wijs — tegenwoordig
ik lake
jij / je lake
hij / zij / het lake
wij / we laken
jullie laken
zij / ze laken
Aanvoegende wijs — verleden
ik laakte
jij / je laakte
hij / zij / het laakte
wij / we laakten
jullie laakten
zij / ze laakten

Gebiedende wijs

Gebiedende wijs
jij laak
jullie (archaïsch) laakt

Onbepaalde vormen

Infinitief
laken
Tegenwoordig deelwoord
lakend
Voltooid deelwoord
gelaakt

Practice in context

Fill in the verb in real sentences — correct answers count toward the table above.

Practice this verb →

More conjugations

Explore the Nederlands dictionary

Look up any Dutch word for definitions, equivalents in 94 languages, and more.

Open Dictionary