HomeServicesBlogDictionariesContactSpanish Course
← laden — definition

Conjugation of laden

Regular CEFR B2
ˈlaːdə(n)

van elektrische energie voorzien Ver definición completa →

Aantonende wijs

Tegenwoordige tijd (o.t.t.)
ik laad
jij / je laadt
hij / zij / het laadt
wij / we laden
jullie laden
zij / ze laden
Verleden tijd (o.v.t.)
ik laadde
jij / je laadde
hij / zij / het laadde
wij / we laadden
jullie laadden
zij / ze laadden

Aanvoegende wijs (archaïsch)

Aanvoegende wijs — tegenwoordig
ik lade
jij / je lade
hij / zij / het lade
wij / we laden
jullie laden
zij / ze laden
Aanvoegende wijs — verleden
ik laadde
jij / je laadde
hij / zij / het laadde
wij / we laadden
jullie laadden
zij / ze laadden

Gebiedende wijs

Gebiedende wijs
jij laad
jullie (archaïsch) laadt

Onbepaalde vormen

Infinitief
laden
Tegenwoordig deelwoord
ladend
Voltooid deelwoord
geladen

Practice in context

Fill in the verb in real sentences — correct answers count toward the table above.

Practice this verb →

More conjugations

Explore the Nederlands dictionary

Look up any Dutch word for definitions, equivalents in 94 languages, and more.

Open Dictionary