HomeServicesBlogDictionariesContactSpanish Course
← laarzen — definition

Conjugation of laarzen

Regular CEFR B2
ˈlaːr.zə(n)

to whip or flog, usually with a rope, as historically applied as a punishment on ships Ver definición completa →

Aantonende wijs

Tegenwoordige tijd (o.t.t.)
ik laars
jij / je laarst
hij / zij / het laarst
wij / we laarzen
jullie laarzen
zij / ze laarzen
Verleden tijd (o.v.t.)
ik laarsde
jij / je laarsde
hij / zij / het laarsde
wij / we laarsden
jullie laarsden
zij / ze laarsden

Aanvoegende wijs (archaïsch)

Aanvoegende wijs — tegenwoordig
ik laarze
jij / je laarze
hij / zij / het laarze
wij / we laarzen
jullie laarzen
zij / ze laarzen
Aanvoegende wijs — verleden
ik laarsde
jij / je laarsde
hij / zij / het laarsde
wij / we laarsden
jullie laarsden
zij / ze laarsden

Gebiedende wijs

Gebiedende wijs
jij laars
jullie (archaïsch) laarst

Onbepaalde vormen

Infinitief
laarzen
Tegenwoordig deelwoord
laarzend
Voltooid deelwoord
gelaarsd

Practice in context

Fill in the verb in real sentences — correct answers count toward the table above.

Practice this verb →

More conjugations

Explore the Nederlands dictionary

Look up any Dutch word for definitions, equivalents in 94 languages, and more.

Open Dictionary