HomeServicesBlogDictionariesContactSpanish Course
← kruien — definition

Conjugation of kruien

Regular CEFR B1
ˈkrœy̯ə(n)

iets vervoeren op een karretje of kruiwagen Ver definición completa →

Aantonende wijs

Tegenwoordige tijd (o.t.t.)
ik krui
jij / je kruit
hij / zij / het kruit
wij / we kruien
jullie kruien
zij / ze kruien
Verleden tijd (o.v.t.)
ik kruide
jij / je kruide
hij / zij / het kruide
wij / we kruiden
jullie kruiden
zij / ze kruiden

Aanvoegende wijs (archaïsch)

Aanvoegende wijs — tegenwoordig
ik kruie
jij / je kruie
hij / zij / het kruie
wij / we kruien
jullie kruien
zij / ze kruien
Aanvoegende wijs — verleden
ik kruide
jij / je kruide
hij / zij / het kruide
wij / we kruiden
jullie kruiden
zij / ze kruiden

Gebiedende wijs

Gebiedende wijs
jij krui
jullie (archaïsch) kruit

Onbepaalde vormen

Infinitief
kruien
Tegenwoordig deelwoord
kruiend
Voltooid deelwoord
gekruid

Practice in context

Fill in the verb in real sentences — correct answers count toward the table above.

Practice this verb →

More conjugations

Explore the Nederlands dictionary

Look up any Dutch word for definitions, equivalents in 94 languages, and more.

Open Dictionary