HomeServicesBlogDictionariesContactSpanish Course
← konvooieren — definition

Conjugation of konvooieren

Regular CEFR C1
ˌkɔn.voːˈjeː.rə(n)

to escort, to convoy Ver definición completa →

Aantonende wijs

Tegenwoordige tijd (o.t.t.)
ik konvooieer
jij / je konvooieert
hij / zij / het konvooieert
wij / we konvooieren
jullie konvooieren
zij / ze konvooieren
Verleden tijd (o.v.t.)
ik konvooieerde
jij / je konvooieerde
hij / zij / het konvooieerde
wij / we konvooieerden
jullie konvooieerden
zij / ze konvooieerden

Aanvoegende wijs (archaïsch)

Aanvoegende wijs — tegenwoordig
ik konvooiere
jij / je konvooiere
hij / zij / het konvooiere
wij / we konvooieren
jullie konvooieren
zij / ze konvooieren
Aanvoegende wijs — verleden
ik konvooieerde
jij / je konvooieerde
hij / zij / het konvooieerde
wij / we konvooieerden
jullie konvooieerden
zij / ze konvooieerden

Gebiedende wijs

Gebiedende wijs
jij konvooieer
jullie (archaïsch) konvooieert

Onbepaalde vormen

Infinitief
konvooieren
Tegenwoordig deelwoord
konvooierend
Voltooid deelwoord
gekonvooieerd

Practice this verb →

More conjugations

Explore the Nederlands dictionary

Look up any Dutch word for definitions, equivalents in 94 languages, and more.

Open Dictionary