HomeServicesBlogDictionariesContactSpanish Course
← koesteren — definition

Conjugation of koesteren

Regular CEFR C1
ˈkus.tə.rə(n)

iets geliefds nauw aan het hart houden, vertroetelen of verzorgen Ver definición completa →

Aantonende wijs

Tegenwoordige tijd (o.t.t.)
ik koester
jij / je koestert
hij / zij / het koestert
wij / we koesteren
jullie koesteren
zij / ze koesteren
Verleden tijd (o.v.t.)
ik koesterde
jij / je koesterde
hij / zij / het koesterde
wij / we koesterden
jullie koesterden
zij / ze koesterden

Aanvoegende wijs (archaïsch)

Aanvoegende wijs — tegenwoordig
ik koestere
jij / je koestere
hij / zij / het koestere
wij / we koesteren
jullie koesteren
zij / ze koesteren
Aanvoegende wijs — verleden
ik koesterde
jij / je koesterde
hij / zij / het koesterde
wij / we koesterden
jullie koesterden
zij / ze koesterden

Gebiedende wijs

Gebiedende wijs
jij koester
jullie (archaïsch) koestert

Onbepaalde vormen

Infinitief
koesteren
Tegenwoordig deelwoord
koesterend
Voltooid deelwoord
gekoesterd

Practice in context

Fill in the verb in real sentences — correct answers count toward the table above.

Practice this verb →

More conjugations

Explore the Nederlands dictionary

Look up any Dutch word for definitions, equivalents in 94 languages, and more.

Open Dictionary