HomeServicesBlogDictionariesContactSpanish Course
← knorren — definition

Conjugation of knorren

Regular CEFR B1
'knɔrə(n)

misnoegen, ontevredenheid uiten op boze wijze Ver definición completa →

Aantonende wijs

Tegenwoordige tijd (o.t.t.)
ik knor
jij / je knort
hij / zij / het knort
wij / we knorren
jullie knorren
zij / ze knorren
Verleden tijd (o.v.t.)
ik knorde
jij / je knorde
hij / zij / het knorde
wij / we knorden
jullie knorden
zij / ze knorden

Aanvoegende wijs (archaïsch)

Aanvoegende wijs — tegenwoordig
ik knorre
jij / je knorre
hij / zij / het knorre
wij / we knorren
jullie knorren
zij / ze knorren
Aanvoegende wijs — verleden
ik knorde
jij / je knorde
hij / zij / het knorde
wij / we knorden
jullie knorden
zij / ze knorden

Gebiedende wijs

Gebiedende wijs
jij knor
jullie (archaïsch) knort

Onbepaalde vormen

Infinitief
knorren
Tegenwoordig deelwoord
knorrend
Voltooid deelwoord
geknord

Practice this verb →

More conjugations

Explore the Nederlands dictionary

Look up any Dutch word for definitions, equivalents in 94 languages, and more.

Open Dictionary