HomeServicesBlogDictionariesContactSpanish Course
← kneuzen — definition

Conjugation of kneuzen

Regular CEFR C2
ˈknøː.zə(n)

letsel aan onderhuids weefsel oplopen door stomp geweld Ver definición completa →

Aantonende wijs

Tegenwoordige tijd (o.t.t.)
ik kneus
jij / je kneust
hij / zij / het kneust
wij / we kneuzen
jullie kneuzen
zij / ze kneuzen
Verleden tijd (o.v.t.)
ik kneusde
jij / je kneusde
hij / zij / het kneusde
wij / we kneusden
jullie kneusden
zij / ze kneusden

Aanvoegende wijs (archaïsch)

Aanvoegende wijs — tegenwoordig
ik kneuze
jij / je kneuze
hij / zij / het kneuze
wij / we kneuzen
jullie kneuzen
zij / ze kneuzen
Aanvoegende wijs — verleden
ik kneusde
jij / je kneusde
hij / zij / het kneusde
wij / we kneusden
jullie kneusden
zij / ze kneusden

Gebiedende wijs

Gebiedende wijs
jij kneus
jullie (archaïsch) kneust

Onbepaalde vormen

Infinitief
kneuzen
Tegenwoordig deelwoord
kneuzend
Voltooid deelwoord
gekneusd

Practice in context

Fill in the verb in real sentences — correct answers count toward the table above.

Practice this verb →

More conjugations

Explore the Nederlands dictionary

Look up any Dutch word for definitions, equivalents in 94 languages, and more.

Open Dictionary