HomeServicesBlogDictionariesContactSpanish Course
← klappen — definition

Conjugation of klappen

Regular CEFR B2
ˈklɑpə(n)

als vertoon van bijval, dank of bewondering de open handen ineenslaan Ver definición completa →

Aantonende wijs

Tegenwoordige tijd (o.t.t.)
ik klap
jij / je klapt
hij / zij / het klapt
wij / we klappen
jullie klappen
zij / ze klappen
Verleden tijd (o.v.t.)
ik klapte
jij / je klapte
hij / zij / het klapte
wij / we klapten
jullie klapten
zij / ze klapten

Aanvoegende wijs (archaïsch)

Aanvoegende wijs — tegenwoordig
ik klappe
jij / je klappe
hij / zij / het klappe
wij / we klappen
jullie klappen
zij / ze klappen
Aanvoegende wijs — verleden
ik klapte
jij / je klapte
hij / zij / het klapte
wij / we klapten
jullie klapten
zij / ze klapten

Gebiedende wijs

Gebiedende wijs
jij klap
jullie (archaïsch) klapt

Onbepaalde vormen

Infinitief
klappen
Tegenwoordig deelwoord
klappend
Voltooid deelwoord
geklapt

Practice in context

Fill in the verb in real sentences — correct answers count toward the table above.

Practice this verb →

More conjugations

Explore the Nederlands dictionary

Look up any Dutch word for definitions, equivalents in 94 languages, and more.

Open Dictionary