HomeServicesBlogDictionariesContactSpanish Course
← kikken — definition

Conjugation of kikken

Regular CEFR B1
ˈkɪ.kə(n)

een zacht geluid voortbrengen Ver definición completa →

Aantonende wijs

Tegenwoordige tijd (o.t.t.)
ik kik
jij / je kikt
hij / zij / het kikt
wij / we kikken
jullie kikken
zij / ze kikken
Verleden tijd (o.v.t.)
ik kikte
jij / je kikte
hij / zij / het kikte
wij / we kikten
jullie kikten
zij / ze kikten

Aanvoegende wijs (archaïsch)

Aanvoegende wijs — tegenwoordig
ik kikke
jij / je kikke
hij / zij / het kikke
wij / we kikken
jullie kikken
zij / ze kikken
Aanvoegende wijs — verleden
ik kikte
jij / je kikte
hij / zij / het kikte
wij / we kikten
jullie kikten
zij / ze kikten

Gebiedende wijs

Gebiedende wijs
jij kik
jullie (archaïsch) kikt

Onbepaalde vormen

Infinitief
kikken
Tegenwoordig deelwoord
kikkend
Voltooid deelwoord
gekikt

Practice this verb →

More conjugations

Explore the Nederlands dictionary

Look up any Dutch word for definitions, equivalents in 94 languages, and more.

Open Dictionary