HomeServicesBlogDictionariesContactSpanish Course
← kiefen — definición

Conjugation of kiefen

Regular CEFR B1
/ˈkif.ə(n)/

to smoke weed Ver definición completa →

Aantonende wijs

Tegenwoordige tijd (o.t.t.)
ik kief
jij / je kieft
hij / zij / het kieft
wij / we kiefen
jullie kiefen
zij / ze kiefen
Verleden tijd (o.v.t.)
ik kiefte
jij / je kiefte
hij / zij / het kiefte
wij / we kieften
jullie kieften
zij / ze kieften

Aanvoegende wijs (archaïsch)

Aanvoegende wijs — tegenwoordig
ik kiefe
jij / je kiefe
hij / zij / het kiefe
wij / we kiefen
jullie kiefen
zij / ze kiefen
Aanvoegende wijs — verleden
ik kiefte
jij / je kiefte
hij / zij / het kiefte
wij / we kieften
jullie kieften
zij / ze kieften

Gebiedende wijs

Gebiedende wijs
jij kief
jullie (archaïsch) kieft

Onbepaalde vormen

Infinitief
kiefen
Tegenwoordig deelwoord
kiefend
Voltooid deelwoord
gekieft

Más conjugaciones

Explore the Nederlands dictionary

Look up any Dutch word for definitions, equivalents in 94 languages, and more.

Open Dictionary