HomeServicesBlogDictionariesContactSpanish Course
← kelen — definition

Conjugation of kelen

Regular CEFR C2
ˈkeː.lə(n)

iemand doden door het afsnijden van de keel Ver definición completa →

Aantonende wijs

Tegenwoordige tijd (o.t.t.)
ik keel
jij / je keelt
hij / zij / het keelt
wij / we kelen
jullie kelen
zij / ze kelen
Verleden tijd (o.v.t.)
ik keelde
jij / je keelde
hij / zij / het keelde
wij / we keelden
jullie keelden
zij / ze keelden

Aanvoegende wijs (archaïsch)

Aanvoegende wijs — tegenwoordig
ik kele
jij / je kele
hij / zij / het kele
wij / we kelen
jullie kelen
zij / ze kelen
Aanvoegende wijs — verleden
ik keelde
jij / je keelde
hij / zij / het keelde
wij / we keelden
jullie keelden
zij / ze keelden

Gebiedende wijs

Gebiedende wijs
jij keel
jullie (archaïsch) keelt

Onbepaalde vormen

Infinitief
kelen
Tegenwoordig deelwoord
kelend
Voltooid deelwoord
gekeeld

Practice in context

Fill in the verb in real sentences — correct answers count toward the table above.

Practice this verb →

More conjugations

Explore the Nederlands dictionary

Look up any Dutch word for definitions, equivalents in 94 languages, and more.

Open Dictionary