HomeServicesBlogDictionariesContactSpanish Course
← kegelen — definition

Conjugation of kegelen

Regular CEFR B1
ˈkeː.ɣə.lə(n)

~ uit uitwerpen, elimineren Ver definición completa →

Aantonende wijs

Tegenwoordige tijd (o.t.t.)
ik kegel
jij / je kegelt
hij / zij / het kegelt
wij / we kegelen
jullie kegelen
zij / ze kegelen
Verleden tijd (o.v.t.)
ik kegelde
jij / je kegelde
hij / zij / het kegelde
wij / we kegelden
jullie kegelden
zij / ze kegelden

Aanvoegende wijs (archaïsch)

Aanvoegende wijs — tegenwoordig
ik kegele
jij / je kegele
hij / zij / het kegele
wij / we kegelen
jullie kegelen
zij / ze kegelen
Aanvoegende wijs — verleden
ik kegelde
jij / je kegelde
hij / zij / het kegelde
wij / we kegelden
jullie kegelden
zij / ze kegelden

Gebiedende wijs

Gebiedende wijs
jij kegel
jullie (archaïsch) kegelt

Onbepaalde vormen

Infinitief
kegelen
Tegenwoordig deelwoord
kegelend
Voltooid deelwoord
gekegeld

Practice in context

Fill in the verb in real sentences — correct answers count toward the table above.

Practice this verb →

More conjugations

Explore the Nederlands dictionary

Look up any Dutch word for definitions, equivalents in 94 languages, and more.

Open Dictionary