HomeServicesBlogDictionariesContactSpanish Course
← kallen — definición

Conjugation of kallen

Regular CEFR C2
/ˈkɑ.lə(n)/

spreken, praten Ver definición completa →

Aantonende wijs

Tegenwoordige tijd (o.t.t.)
ik kal
jij / je kalt
hij / zij / het kalt
wij / we kallen
jullie kallen
zij / ze kallen
Verleden tijd (o.v.t.)
ik kalde
jij / je kalde
hij / zij / het kalde
wij / we kalden
jullie kalden
zij / ze kalden

Aanvoegende wijs (archaïsch)

Aanvoegende wijs — tegenwoordig
ik kalle
jij / je kalle
hij / zij / het kalle
wij / we kallen
jullie kallen
zij / ze kallen
Aanvoegende wijs — verleden
ik kalde
jij / je kalde
hij / zij / het kalde
wij / we kalden
jullie kalden
zij / ze kalden

Gebiedende wijs

Gebiedende wijs
jij kal
jullie (archaïsch) kalt

Onbepaalde vormen

Infinitief
kallen
Tegenwoordig deelwoord
kallend
Voltooid deelwoord
gekald

Más conjugaciones

Explore the Nederlands dictionary

Look up any Dutch word for definitions, equivalents in 94 languages, and more.

Open Dictionary