HomeServicesBlogDictionariesContactSpanish Course
← kalibreren — definition

Conjugation of kalibreren

Regular CEFR C2
kaːliˈbreːrə(n)

een schaalverdeling ijken Ver definición completa →

Aantonende wijs

Tegenwoordige tijd (o.t.t.)
ik kalibreer
jij / je kalibreert
hij / zij / het kalibreert
wij / we kalibreren
jullie kalibreren
zij / ze kalibreren
Verleden tijd (o.v.t.)
ik kalibreerde
jij / je kalibreerde
hij / zij / het kalibreerde
wij / we kalibreerden
jullie kalibreerden
zij / ze kalibreerden

Aanvoegende wijs (archaïsch)

Aanvoegende wijs — tegenwoordig
ik kalibrere
jij / je kalibrere
hij / zij / het kalibrere
wij / we kalibreren
jullie kalibreren
zij / ze kalibreren
Aanvoegende wijs — verleden
ik kalibreerde
jij / je kalibreerde
hij / zij / het kalibreerde
wij / we kalibreerden
jullie kalibreerden
zij / ze kalibreerden

Gebiedende wijs

Gebiedende wijs
jij kalibreer
jullie (archaïsch) kalibreert

Onbepaalde vormen

Infinitief
kalibreren
Tegenwoordig deelwoord
kalibrerend
Voltooid deelwoord
gekalibreerd

Practice in context

Fill in the verb in real sentences — correct answers count toward the table above.

Practice this verb →

More conjugations

Explore the Nederlands dictionary

Look up any Dutch word for definitions, equivalents in 94 languages, and more.

Open Dictionary