HomeServicesBlogDictionariesContactSpanish Course
← kakken — definición

Conjugation of kakken

Regular CEFR C2
/ˈkɑkə(n)/

poepen Ver definición completa →

Aantonende wijs

Tegenwoordige tijd (o.t.t.)
ik kak
jij / je kakt
hij / zij / het kakt
wij / we kakken
jullie kakken
zij / ze kakken
Verleden tijd (o.v.t.)
ik kakte
jij / je kakte
hij / zij / het kakte
wij / we kakten
jullie kakten
zij / ze kakten

Aanvoegende wijs (archaïsch)

Aanvoegende wijs — tegenwoordig
ik kakke
jij / je kakke
hij / zij / het kakke
wij / we kakken
jullie kakken
zij / ze kakken
Aanvoegende wijs — verleden
ik kakte
jij / je kakte
hij / zij / het kakte
wij / we kakten
jullie kakten
zij / ze kakten

Gebiedende wijs

Gebiedende wijs
jij kak
jullie (archaïsch) kakt

Onbepaalde vormen

Infinitief
kakken
Tegenwoordig deelwoord
kakkend
Voltooid deelwoord
gekakt

Más conjugaciones

Explore the Nederlands dictionary

Look up any Dutch word for definitions, equivalents in 94 languages, and more.

Open Dictionary