HomeServicesBlogDictionariesContactSpanish Course
← jouen — definición

Conjugation of jouen

Regular CEFR B1
/ˈjɑuwə(n)/

jij en jou als aanspreekvorm gebruiken (terwijl u misschien meer op zijn plaats zou zijn) Ver definición completa →

Aantonende wijs

Tegenwoordige tijd (o.t.t.)
ik jou
jij / je jout
hij / zij / het jout
wij / we jouen
jullie jouen
zij / ze jouen
Verleden tijd (o.v.t.)
ik joude
jij / je joude
hij / zij / het joude
wij / we jouden
jullie jouden
zij / ze jouden

Aanvoegende wijs (archaïsch)

Aanvoegende wijs — tegenwoordig
ik joue
jij / je joue
hij / zij / het joue
wij / we jouen
jullie jouen
zij / ze jouen
Aanvoegende wijs — verleden
ik joude
jij / je joude
hij / zij / het joude
wij / we jouden
jullie jouden
zij / ze jouden

Gebiedende wijs

Gebiedende wijs
jij jou
jullie (archaïsch) jout

Onbepaalde vormen

Infinitief
jouen
Tegenwoordig deelwoord
jouend
Voltooid deelwoord
gejoud

Más conjugaciones

Explore the Nederlands dictionary

Look up any Dutch word for definitions, equivalents in 94 languages, and more.

Open Dictionary