HomeServicesBlogDictionariesContactSpanish Course
← ioniseren — definition

Conjugation of ioniseren

Regular CEFR B2
ˌi.oː.niˈzeː.rə(n)

in ionen splitsen Ver definición completa →

Aantonende wijs

Tegenwoordige tijd (o.t.t.)
ik ioniseer
jij / je ioniseert
hij / zij / het ioniseert
wij / we ioniseren
jullie ioniseren
zij / ze ioniseren
Verleden tijd (o.v.t.)
ik ioniseerde
jij / je ioniseerde
hij / zij / het ioniseerde
wij / we ioniseerden
jullie ioniseerden
zij / ze ioniseerden

Aanvoegende wijs (archaïsch)

Aanvoegende wijs — tegenwoordig
ik ionisere
jij / je ionisere
hij / zij / het ionisere
wij / we ioniseren
jullie ioniseren
zij / ze ioniseren
Aanvoegende wijs — verleden
ik ioniseerde
jij / je ioniseerde
hij / zij / het ioniseerde
wij / we ioniseerden
jullie ioniseerden
zij / ze ioniseerden

Gebiedende wijs

Gebiedende wijs
jij ioniseer
jullie (archaïsch) ioniseert

Onbepaalde vormen

Infinitief
ioniseren
Tegenwoordig deelwoord
ioniserend
Voltooid deelwoord
geïoniseerd

Practice in context

Fill in the verb in real sentences — correct answers count toward the table above.

Practice this verb →

More conjugations

Explore the Nederlands dictionary

Look up any Dutch word for definitions, equivalents in 94 languages, and more.

Open Dictionary