HomeServicesBlogDictionariesContactSpanish Course
← inhaleren — definition

Conjugation of inhaleren

Regular CEFR C2
ˌɪn.ɦaːˈleː.rə(n)

een stof door diep in te ademen tot zich nemen Ver definición completa →

Aantonende wijs

Tegenwoordige tijd (o.t.t.)
ik inhaleer
jij / je inhaleert
hij / zij / het inhaleert
wij / we inhaleren
jullie inhaleren
zij / ze inhaleren
Verleden tijd (o.v.t.)
ik inhaleerde
jij / je inhaleerde
hij / zij / het inhaleerde
wij / we inhaleerden
jullie inhaleerden
zij / ze inhaleerden

Aanvoegende wijs (archaïsch)

Aanvoegende wijs — tegenwoordig
ik inhalere
jij / je inhalere
hij / zij / het inhalere
wij / we inhaleren
jullie inhaleren
zij / ze inhaleren
Aanvoegende wijs — verleden
ik inhaleerde
jij / je inhaleerde
hij / zij / het inhaleerde
wij / we inhaleerden
jullie inhaleerden
zij / ze inhaleerden

Gebiedende wijs

Gebiedende wijs
jij inhaleer
jullie (archaïsch) inhaleert

Onbepaalde vormen

Infinitief
inhaleren
Tegenwoordig deelwoord
inhalerend
Voltooid deelwoord
geïnhaleerd

Practice in context

Fill in the verb in real sentences — correct answers count toward the table above.

Practice this verb →

More conjugations

Explore the Nederlands dictionary

Look up any Dutch word for definitions, equivalents in 94 languages, and more.

Open Dictionary