HomeServicesBlogDictionariesContactSpanish Course
← huren — definición

Conjugation of huren

Regular CEFR B2
/ˈɦyrə(n)/

tegen betaling gebruiken Ver definición completa →

Aantonende wijs

Tegenwoordige tijd (o.t.t.)
ik huur
jij / je huurt
hij / zij / het huurt
wij / we huren
jullie huren
zij / ze huren
Verleden tijd (o.v.t.)
ik huurde
jij / je huurde
hij / zij / het huurde
wij / we huurden
jullie huurden
zij / ze huurden

Aanvoegende wijs (archaïsch)

Aanvoegende wijs — tegenwoordig
ik hure
jij / je hure
hij / zij / het hure
wij / we huren
jullie huren
zij / ze huren
Aanvoegende wijs — verleden
ik huurde
jij / je huurde
hij / zij / het huurde
wij / we huurden
jullie huurden
zij / ze huurden

Gebiedende wijs

Gebiedende wijs
jij huur
jullie (archaïsch) huurt

Onbepaalde vormen

Infinitief
huren
Tegenwoordig deelwoord
hurend
Voltooid deelwoord
gehuurd

Más conjugaciones

Explore the Nederlands dictionary

Look up any Dutch word for definitions, equivalents in 94 languages, and more.

Open Dictionary