HomeServicesBlogDictionariesContactSpanish Course
← hoofdrekenen — definition

Conjugation of hoofdrekenen

Regular CEFR C1
ˈɦoːftˌreːkənə(n)

een rekensom uit je hoofd maken, zonder hulpmiddelen zoals bijvoorbeeld een rekenmachientje Ver definición completa →

Aantonende wijs

Tegenwoordige tijd (o.t.t.)
ik hoofdreken
jij / je hoofdrekent
hij / zij / het hoofdrekent
wij / we hoofdrekenen
jullie hoofdrekenen
zij / ze hoofdrekenen
Verleden tijd (o.v.t.)
ik hoofdrekende
jij / je hoofdrekende
hij / zij / het hoofdrekende
wij / we hoofdrekenden
jullie hoofdrekenden
zij / ze hoofdrekenden

Aanvoegende wijs (archaïsch)

Aanvoegende wijs — tegenwoordig
ik hoofdrekene
jij / je hoofdrekene
hij / zij / het hoofdrekene
wij / we hoofdrekenen
jullie hoofdrekenen
zij / ze hoofdrekenen
Aanvoegende wijs — verleden
ik hoofdrekende
jij / je hoofdrekende
hij / zij / het hoofdrekende
wij / we hoofdrekenden
jullie hoofdrekenden
zij / ze hoofdrekenden

Gebiedende wijs

Gebiedende wijs
jij hoofdreken
jullie (archaïsch) hoofdrekent

Onbepaalde vormen

Infinitief
hoofdrekenen
Tegenwoordig deelwoord
hoofdrekenend
Voltooid deelwoord
gehoofdrekend

Practice in context

Fill in the verb in real sentences — correct answers count toward the table above.

Practice this verb →

More conjugations

Explore the Nederlands dictionary

Look up any Dutch word for definitions, equivalents in 94 languages, and more.

Open Dictionary