HomeServicesBlogDictionariesContactSpanish Course
← herwerken — definition

Conjugation of herwerken

Regular CEFR B2
ɦɛrˈʋɛrkə(n)

iets opnieuw doen, iets overdoen Ver definición completa →

Aantonende wijs

Tegenwoordige tijd (o.t.t.)
ik herwerk
jij / je herwerkt
hij / zij / het herwerkt
wij / we herwerken
jullie herwerken
zij / ze herwerken
Verleden tijd (o.v.t.)
ik herwerkte
jij / je herwerkte
hij / zij / het herwerkte
wij / we herwerkten
jullie herwerkten
zij / ze herwerkten

Aanvoegende wijs (archaïsch)

Aanvoegende wijs — tegenwoordig
ik herwerke
jij / je herwerke
hij / zij / het herwerke
wij / we herwerken
jullie herwerken
zij / ze herwerken
Aanvoegende wijs — verleden
ik herwerkte
jij / je herwerkte
hij / zij / het herwerkte
wij / we herwerkten
jullie herwerkten
zij / ze herwerkten

Gebiedende wijs

Gebiedende wijs
jij herwerk
jullie (archaïsch) herwerkt

Onbepaalde vormen

Infinitief
herwerken
Tegenwoordig deelwoord
herwerkend
Voltooid deelwoord
herwerkt

Practice in context

Fill in the verb in real sentences — correct answers count toward the table above.

Practice this verb →

More conjugations

Explore the Nederlands dictionary

Look up any Dutch word for definitions, equivalents in 94 languages, and more.

Open Dictionary