HomeServicesBlogDictionariesContactSpanish Course
← herroepen — definition

Conjugation of herroepen

Regular CEFR C2
ˌɦɛˈru.pə(n)

zeggen dat iets, dat je eerder gezegd hebt, niet klopt Ver definición completa →

Aantonende wijs

Tegenwoordige tijd (o.t.t.)
ik herroep
jij / je herroept
hij / zij / het herroept
wij / we herroepen
jullie herroepen
zij / ze herroepen
Verleden tijd (o.v.t.)
ik herriep
jij / je herriep
hij / zij / het herriep
wij / we herriepen
jullie herriepen
zij / ze herriepen

Aanvoegende wijs (archaïsch)

Aanvoegende wijs — tegenwoordig
ik herroepe
jij / je herroepe
hij / zij / het herroepe
wij / we herroepen
jullie herroepen
zij / ze herroepen
Aanvoegende wijs — verleden
ik herriepe
jij / je herriepe
hij / zij / het herriepe
wij / we herriepen
jullie herriepen
zij / ze herriepen

Gebiedende wijs

Gebiedende wijs
jij herroep
jullie (archaïsch) herroept

Onbepaalde vormen

Infinitief
herroepen
Tegenwoordig deelwoord
herroepend
Voltooid deelwoord
herroepen

Practice in context

Fill in the verb in real sentences — correct answers count toward the table above.

Practice this verb →

More conjugations

Explore the Nederlands dictionary

Look up any Dutch word for definitions, equivalents in 94 languages, and more.

Open Dictionary