HomeServicesBlogDictionariesContactSpanish Course
← herlezen — definición

Conjugation of herlezen

Regular CEFR C2
/ˌɦɛrˈleː.zə(n)/

voltooid deelwoord van herlezen Ver definición completa →

Aantonende wijs

Tegenwoordige tijd (o.t.t.)
ik herlees
jij / je herleest
hij / zij / het herleest
wij / we herlezen
jullie herlezen
zij / ze herlezen
Verleden tijd (o.v.t.)
ik herlas
jij / je herlas
hij / zij / het herlas
wij / we herlazen
jullie herlazen
zij / ze herlazen

Aanvoegende wijs (archaïsch)

Aanvoegende wijs — tegenwoordig
ik herleze
jij / je herleze
hij / zij / het herleze
wij / we herlezen
jullie herlezen
zij / ze herlezen
Aanvoegende wijs — verleden
ik herlaze
jij / je herlaze
hij / zij / het herlaze
wij / we herlazen
jullie herlazen
zij / ze herlazen

Gebiedende wijs

Gebiedende wijs
jij herlees
jullie (archaïsch) herleest

Onbepaalde vormen

Infinitief
herlezen
Tegenwoordig deelwoord
herlezend
Voltooid deelwoord
herlezen

Más conjugaciones

Explore the Nederlands dictionary

Look up any Dutch word for definitions, equivalents in 94 languages, and more.

Open Dictionary