HomeServicesBlogDictionariesContactSpanish Course
← harpoeneren — definición

Conjugation of harpoeneren

Regular CEFR C1
/ˌɦɑr.puˈneː.rə(n)/

het vangen van vissen of walvissen door middel van een harpoen Ver definición completa →

Aantonende wijs

Tegenwoordige tijd (o.t.t.)
ik harpoeneer
jij / je harpoeneert
hij / zij / het harpoeneert
wij / we harpoeneren
jullie harpoeneren
zij / ze harpoeneren
Verleden tijd (o.v.t.)
ik harpoeneerde
jij / je harpoeneerde
hij / zij / het harpoeneerde
wij / we harpoeneerden
jullie harpoeneerden
zij / ze harpoeneerden

Aanvoegende wijs (archaïsch)

Aanvoegende wijs — tegenwoordig
ik harpoenere
jij / je harpoenere
hij / zij / het harpoenere
wij / we harpoeneren
jullie harpoeneren
zij / ze harpoeneren
Aanvoegende wijs — verleden
ik harpoeneerde
jij / je harpoeneerde
hij / zij / het harpoeneerde
wij / we harpoeneerden
jullie harpoeneerden
zij / ze harpoeneerden

Gebiedende wijs

Gebiedende wijs
jij harpoeneer
jullie (archaïsch) harpoeneert

Onbepaalde vormen

Infinitief
harpoeneren
Tegenwoordig deelwoord
harpoenerend
Voltooid deelwoord
geharpoeneerd

Más conjugaciones

Explore the Nederlands dictionary

Look up any Dutch word for definitions, equivalents in 94 languages, and more.

Open Dictionary