HomeServicesBlogDictionariesContactSpanish Course
← hannesen — definition

Conjugation of hannesen

Regular CEFR B2
ˈɦɑ.nə.sə(n)

klungelen, knoeien Ver definición completa →

Aantonende wijs

Tegenwoordige tijd (o.t.t.)
ik hannes
jij / je hannest
hij / zij / het hannest
wij / we hannesen
jullie hannesen
zij / ze hannesen
Verleden tijd (o.v.t.)
ik hanneste
jij / je hanneste
hij / zij / het hanneste
wij / we hannesten
jullie hannesten
zij / ze hannesten

Aanvoegende wijs (archaïsch)

Aanvoegende wijs — tegenwoordig
ik hannese
jij / je hannese
hij / zij / het hannese
wij / we hannesen
jullie hannesen
zij / ze hannesen
Aanvoegende wijs — verleden
ik hanneste
jij / je hanneste
hij / zij / het hanneste
wij / we hannesten
jullie hannesten
zij / ze hannesten

Gebiedende wijs

Gebiedende wijs
jij hannes
jullie (archaïsch) hannest

Onbepaalde vormen

Infinitief
hannesen
Tegenwoordig deelwoord
hannesend
Voltooid deelwoord
gehannest

Practice in context

Fill in the verb in real sentences — correct answers count toward the table above.

Practice this verb →

More conjugations

Explore the Nederlands dictionary

Look up any Dutch word for definitions, equivalents in 94 languages, and more.

Open Dictionary